Nieuwe thuis voor Ziekenhuis Maas & Kempen

Geplaatst op: 16/10/2017

Uniek zorgconcept aan basis van eerste Vlaamse laagbouwziekenhuis

Na 10 jaar plannen en bouwen heeft het Ziekenhuis Maas & Kempen in september zijn intrek genomen in een gloednieuw ziekenhuis. Een uniek feit. De bouw van een nieuwbouw ziekenhuis is niet alledaags. Het concept dat de ontwerpers van de Jong Gortemaker Algra architecten en ingenieurs en archipelago | ar-te hebben ontworpen voor de nieuwe campus is bovendien bijzonder.

108.000 raadplegingen, 14.000 spoedgevallen en evenveel operaties, 564 bevallingen, … Het is maar een greep uit de indrukwekkende lijst met ingrepen en acties die er jaarlijks in het Ziekenhuis Maas & Kempen plaats vinden. Tot voor kort gebeurde dat in twee kleine en verouderde ziekenhuizen in Bree en Maaseik. Vandaag beschikt het ziekenhuis over een up-to-date infrastructuur op een 12 ha groot terrein langs de Diestersteenweg in Maaseik.

De weg naar het nieuwe ziekenhuis was lang. Algemeen directeur Hans Ramaekers schetst de historiek: “In 1992 bij de fusie van de twee ziekenhuizen gingen al de eerste stemmen op voor een nieuw ziekenhuis. Pas 10 jaar later toen het Ziekenhuis Maas & Kempen een nieuwe juridische structuur kreeg, werd concreet beslist werk te maken van een nieuwe gemeenschappelijke campus. Dat resulteerde in 2003 in een zorgstrategisch plan waarin we de overheid de noodzaak van onze plannen motiveerden. Na de goedkeuring van dit plan in 2005 hebben we een aanbesteding uitgeschreven om een geschikt ontwerpteam te vinden. De referenties en methodiek van het samenwerkingsverband tussen archipelago | ar-te en het Nederlandse de Jong Gortemaker Algra waren voor ons het meest overtuigend. Vooral het idee van het vastgoedmodel prikkelde ons. In 2007 kreeg het ontwerpteam de opdracht een masterplan en ontwerp voor het ziekenhuis uit te werken. Aanvankelijk dachten we te bouwen op Jagersborg, maar in 2009 is de locatie gewijzigd naar de huidige site. Dat vroeg nog beperkte aanpassingen aan de plannen.” “Ook in 2014 waren er in extremis nog wijzigingen nodig. VIPA had toen de erkenning teruggeschroefd van 250 naar 226 bedden. Dat betekende dat we moesten inkrimpen. De meest eenvoudige oplossing was het administratieve gebouw op te offeren en deze functie in het hotelgebouw te integreren. We moesten in die richting denken omdat de werken al gegund waren en de directie vasthield aan de deadline. Dankzij de kracht van onze twee grote architectenkantoren, hebben we de plannen op korte termijn kunnen aanpassen,” vult Lieven De Vadder (archipelago | ar-te) aan.

5 functies – 4 gebouwen

Het vastgoedmodel waarvoor de opdrachtgever gewonnen was, vertrekt van de opdeling van een ziekenhuis in zijn specifieke hoofdfuncties. “Het idee is dat je voor elke functie dan het meest efficiënte en flexibele gebouw bedenkt. In dit geval zagen we 5 functies: de verpleegafdeling, de polikliniek, de medisch-technische functies zoals spoed, radiologie en het operatiekwartier, de ondersteunende functies en tot slot de administratie. De verpleegafdeling heeft voldoende aan een eenvoudige gebouwstructuur en technieken. We hebben ze dan ook opgetrokken als een hotelgebouw met 226 kamers. De polikliniek is opgevat als een kantoorgebouw. Er wordt 8 uur per dag gewerkt in spreekkamers. Om die ruimtes flexibel in te richten of aan te passen hebben we gezorgd voor een structuur met grote overspanningen en een minimum aan kolommen. De ondersteunende functies zoals het labo, de apotheek, het magazijn of het personeelsrestaurant hebben we in een industrieel gebouw geplaatst. Het gebouw moet bovenal robuust en functioneel zijn, een sfeervolle afwerking is er van minder belang. Net zoals in een logistiek centrum kozen we hier voor een prefab structuur die toelaat een goedkope vlakke vloer te creëren. Al de medische-technische functies zijn verzameld in de hotfloor. Dit gebouw staat bol van de technieken. Door die samen te brengen, kunnen we daar heel efficiënt mee omspringen. De balkloze structuur zorgt ervoor dat de technieken gemakkelijk over het gebouw verdeeld worden. Zoals Lieven al aangaf hebben het administratieve gebouw geschrapt in het door VIPA opgelegde krimpscenario,” licht Maurits Algra toe.

Eigen identiteit

De verschillende gebouwen zijn duidelijk leden van eenzelfde architectuurfamilie. De specifieke materialisatie voor ieder gebouw –variërend van pleisterwerk, gevelsteen en hout tot plaatmaterialen -, geeft elke functie toch een eigen identiteit. Ook de raamindeling is verschillend. In de polikliniek, hotfloor en de fabriek zijn de raampartijen als verticale stroken van vloer tot plafond opgevat. Zo creëren de ontwerpers een effect van ruimtelijkheid. Op de verpleegafdelingen daarentegen loopt het glas van wand tot wand. Zo krijgen de patiënten een breedtezicht op het landschap.

Een tweede uitgangspunt in de conceptvorming was de flexibiliteit van het ziekenhuis. De infrastructuur moet eenvoudig kunnen inspelen op de wijzigende noden van het ziekenhuis, ook al zijn die nu helemaal nog niet duidelijk. “Het gebouw leent zich tot groei- en krimpscenario’s,” verduidelijkt Hans Ramaekers. “Elk gebouw kan horizontaal uitbreiden. En bij krimp van het ziekenhuis, kunnen we bepaalde afdelingen tijdelijk afbouwen of zelfs herbestemmen.” “We gingen er vooral vanuit dat het aantal bedden niet meer zal toenemen, maar wel het aantal consultaties. Om een eventuele groei op te vangen, hebben we in de parkeergarage al de nodige paalfundering voorzien om tot twee extra gebouwen bij te bouwen. Door de palen nu al te plaatsen, moeten we bij een eventuele uitbreiding de waterdichte kuip van de kelder niet doorbreken. Niet onbelangrijk gezien de nabijheid van de Maas,” vertellen Lieven De Vadder en Maurits Algra.

Alom aanwezig groen

De gebouwen en de parking zijn zo geordend dat ze logisch ten opzichte van elkaar liggen. De medewerkers, patiënten en bezoekers krijgen vanaf de parking een goed overzicht van waar ze moeten zijn en de loopafstanden tussen de functies onderling blijven zo beperkt. “De polikliniek ligt het dichtst bij de parking. Logisch gezien de 108.000 consultaties die er jaarlijks zullen plaats vinden. Volgend in de lijn is de hotfloor. Die ligt zo centraal en kan daardoor zowel vanuit de polikliniek als het hotelgebouw gemakkelijk bereikt worden voor gespecialiseerde onderzoeken. Achter de hotfloor ligt de fabriek. Naast deze functies ligt het hotelgebouw van drie bouwlagen. Het ligt bewust westelijk op het terrein omdat van hieruit optimaal contact met de groene omgeving aan de rand van Maaseik mogelijk is,” vertelt Maurits Algra.

Een sterk beglaasd inkomgebouw en glazen corridors linken de verschillende gebouwen met elkaar. Tussen deze glazen gangen zijn binnentuinen ingericht. Zo hebben de gebruikers altijd contact met het groen. In totaal werden 40.000 bomen, planten en ander groen op de ziekenhuissite aangeplant.

Dankzij de kleinschalige opvatting wordt de gebruiker alleen geconfronteerd met die functies die nodig zijn. Zo is de architectuur geruststellend in plaats van imponerend.


Technische fiche Ziekenhuis Maas & Kempen – Maaseik

Opdrachtgever: Ziekenhuis Maas & Kempen – Maaseik
Ontwerp: de JongGortemaker Algra architecten en ingenieurs Rotterdam & archipelago | ar-te - Leuven
Studies stabiliteit, technieken en EPB-verslaggeving: Stabo - Leuven
Veiligheidscoördinatie: VETO & Partners - Oosterzele
K-peil: 35
E-peil: bij bouwaanvraag nog niet van toepassing
Vloeroppervlakte: 33.347m²
Aantal bedden: 226
Start werken: september 2014
Einde werken: maart 2017
Investering: 110 miljoen euro

Aannemer ruwbouw: THV Strabag – Cordeel – Houben – BAM - Genk
Aannemer binnenafwerking: Strabag - Genk
Aannemer HVAC: Imtech - Alken
Aannemer elektra: Welec - Westerlo
Aannemer sanitair: Delta Thermic - Herstal
Aannemer omgevingsaanleg: Wegenbouw Martin - Bocholt

MEER: HERFST 2017