Stelplaats De Crutzen is duurzaam toonbeeld

Geplaatst op: 16/10/2017

Democo bouwt busstelplaats voor De Lijn in achtertuin

De Lijn Limburg heeft zijn vertrouwde thuisbasis naast het station van Hasselt deels ingeruild voor een nieuwe state of the art stelplaats net buiten de grote ring. Op het 60.000m² grote terrein De Crutzen in de buurt van de Brico en het Hasseltse containerpark bouwde het consortium Hermes Infrastructure een duurzaam project voor De Lijn, dat oog heeft voor veiligheid en een optimaal werkcomfort.

De nieuwe busstelplaats kadert in een vernieuwingsoperatie die De Lijn ruim 10 jaar geleden in gang heeft gezet. Daarbij worden enkele oude stelplaatsen vernieuwd en sommige zelfs geherlocaliseerd. Een deel hiervan wordt regulier aanbesteed, de grotere stelplaatsen bouwt De Lijn in een publiek-private samenwerking. Stelplaats De Crutzen maakt deel uit van de tweede pps-operatie die De Lijn in dat verband opzette. Naast de stelplaats in Hasselt omvatte die operatie ook een nieuwe stelplaats in Leuven-Noord en in Sint-Niklaas. Na een wedstrijdaanbesteding voor een dBFM-opdracht ging De Lijn voor het detailontwerp, de bouw, de financiering en het 25-jarig onderhoud van deze drie stelplaatsen in zee met het consortium Hermes Infrastructure, een samenwerkingsverband tussen financier McQuarie enerzijds en aannemers Denys en Democo anderzijds. Interessant detail, hetzelfde consortium sleepte in 2010 ook al het pps-contract voor de bouw van de eerste pps-opdracht in de wacht. Toen bouwde het stelplaatsen in Brugge, Overijse en Zomergem.

Alles-in-één concept

In Hasselt koos De Lijn voor een herlocalisatie van zijn stelplaats. Hiermee brengt de openbare vervoersmaatschappij haar 135 bussen naar een locatie buiten de Hasseltse grote ring, maar nog altijd vlakbij het Hasseltse trein- en busstation, de hoofdknoop voor openbaar vervoer in Limburg. Een busbaan verbindt de nieuwe stelplaats met het bus- en treinstation, waardoor het drukke kruispunt van de grote ring met de Kuringersteenweg ontlast wordt. De verhuisoperatie maakt een einde aan het plaatsgebrek waarmee De Lijn naast het station kampte. Met de 60.000m² op De Crutzen is er voldoende ruimte voor de verschillende voertuigen van De Lijn. Op het terrein is zelfs nog ruimte gespaard om straks ook plaats te bieden aan een tramstelplaats voor het Spartacusproject. Een belangrijke maatregel om plaats te besparen is de dakparking op het dak van het onderhoudscentrum. Bedoeling is dat het personeel, dat met de wagen komt werken, hier de wagen parkeert.

Naast de ruimte om de bussen te stallen, omvat de stelplaats een onderhoudscentrum, een werkhuis, magazijn, kantoren, opleidingscentrum en een tank- en wasstraat. Dit complex vult alle noden in die De Lijn heeft om haar dienstverlening te kunnen aanbieden. De kantoren en het opleidingscentrum liggen vervat in een bouwvolume langs de Crutzenstraat. Het gebouw is afgewerkt in een antracietkleurige gevelbekleding. Achter het hoofdgebouw ligt het onderhoudscentrum met een magazijn en specifieke werkplaatsen voor gespecialiseerde herstellingen aan de bussen. Dat volume is in lichte sandwichpanelen afgewerkt. De gebouwen zijn samen goed voor 11.000m² bebouwde oppervlakte. Ze zijn geconcipieerd om optimaal comfort te bieden aan de medewerkers van De Lijn. Het onderhoudscentrum en de werkplaats zijn uitgerust met alle denkbare garagetechnieken. Ergonomie stond centraal bij het ontwerp en de keuze van deze technieken. Zo zijn er bijvoorbeeld speciale dakwerkstanden om veilig op de daken van de bussen te werken. En omdat het in een werkplaats best wel eens lawaaierig kan zijn, is er veel zorg besteed aan de akoestiek. Dat niet alleen in het gebouw overigens. Aan de straatzijde en de achterzijde kreeg de stelplaats akoestische schermen. De buren zullen dus nauwelijks horen dat er bussen op het terrein manoeuvreren.

Energiezuinige gebouwen

Een ander uitgangspunt in het ontwerp en de bouw van de stelplaats was het streven naar maximale duurzaamheid. “Om het energieverbruik te reduceren, hebben we doorgedreven thermische isolatie toegepast. Daarnaast hebben we gezorgd voor een voldoende luchtdicht gebouw. Onze doelstelling om bij de luchtdichtheidsproef van het dienstgebouw een ventilatievoud kleiner dan 1 te realiseren, hebben we vlot gehaald. De energie voor verwarmen en koelen komt voor een belangrijk deel uit een BEO-veld bestaande uit 55 boringen van bijna 150m diep. In de kantoren hebben we als warmte- en koudeafgiftesysteem gekozen voor klimaatplafonds. In grote delen van het onderhoudscentrum en de werkplaatsen is vloerverwarming geïntegreerd in de betonnen vloerplaat. In de wasstraat is de verwarming verwerkt in de betonnen wandpanelen. Tot slot maken we de verlichting ook energiezuinig dankzij een beheersysteem ondersteund door een tijdsklok, aanwezigheidsdetectie en daglichtsturing,” opent projectmanager Brian Torfs. Al die maatregelen brengen het isolatiepeil van het dienstgebouw op K22 en het E-peil op E47, in plaats van de wettelijke vereiste K40 en E60. Het onderhoudscentrum scoort ook K22.

Grijs = groen

Naast de energiebesparing ging het consortium ook doordacht om met water. “Zo recupereren we het regenwater dat op het onderhoudscentrum neerslaat voor de toiletspoeling en voor gebruik in de wasstraat. Het in de wasstraat gebruikte water wordt gerecycleerd in een biologische waterzuiveringsinstallatie. Zo blijft de noodzaak om leidingwater te gebruiken tot een minimum beperkt,” vervolgt Brian Torfs.

De aandacht voor het milieu reikt nog verder. De betonverhardingen van de dieselopslag in de tankstraat en in de zones waar bussen voor langere tijd geparkeerd staan, zijn uitgevoerd als vloeistofdichte platen. “Eventuele accidentele lekkages van olie of gemorste brandstoffen worden opgevangen in koolwaterstofafscheiders. Zo blijft milieuschade vermeden. Om schadelijke emissies te vermijden, hebben we gekozen voor een verfspuitcabine die is uitgerust met een meertrapsfilterinstallatie. Actieve kool zuivert hier zelfs de meest vluchtige organische componenten uit,” vertelt projectleider Leon Piels.

Maar de site is niet volledig grijs van het beton. De randen van het terrein zijn groen aangelegd door Groenbedrijf Van Vlierden. Verder zijn de daken van het dienstgebouw en de wasstraat als groendaken aangelegd. Verrassend zijn ook de daktuinen op het terras aan het dienstgebouw en het de groen in de patio van het onderhoudscentrum. Die zorgen ongetwijfeld voor een verfraaiing van de werkomgeving.

Zoeken naar bommen

“Onze opdracht begon bij het detailontwerp van de stelplaats. In deze fase hebben we samen met Sweco het basisontwerp en het programma van eisen van De Lijn vertaald naar een gedetailleerd ontwerp met oog voor het design, de duurzaamheid, veiligheid, de uitvoeringsmogelijkheden en het beschikbare budget. Het strakke en functionele karakter van het basisontwerp hebben we gerespecteerd en waar mogelijk verfijnd. De beschikbare tijd om het detailontwerp uit te werken was echter heel kort. De opdracht werd getekend op 31 januari 2015 en de bouwtermijn begon te lopen op 1 april 2015. We hebben een deel van de ontwerpopdracht dan ook over de start van de bouwwerken getrokken. En daar speelde een beetje geluk bij een ongeluk. De bouwwerken zijn immers gestart met de afbraak van de vroegere gebouwen van de Administratie Wegen en Verkeer en jeneverstokerij Fryns, die nog op de terreinen stonden. Dat gaf ons extra ontwerptijd,” schetst Marc Vanhees, commercieel directeur bij Democo het projectverloop.

Het beton- en steenachtig afbraakpuin hergebruikte de aannemer op de site voor de aanleg van de werfwegenis en als onderfundering voor de betonverharding van de stelplaatsen. “Naast het slopen van de twee gebouwen diende ook een vijver drooggelegd te worden. En dat heeft ook wel voor het nodige hoofdbrekens gezorgd. We hebben zo’n 42.000m³ grond moeten aanvoeren om het terrein aan te vullen. Bij het plaatsen van de funderingspalen hebben we in deze zone moeten voorboren omdat de ondergrond te hard bleek voor de funderingsmachine,” herinnert zich projectmanager Brian Torfs.

Het plaatsen van de paalfundering ging in juni 2015 van start, maar het bleek een valse start. “Tijdens ons bouwverlof kregen we informatie over de mogelijke aanwezigheid van niet ontplofte bommen uit de Tweede Wereldoorlog. Bij bouwwerken hier iets verderop was een bom uit de Tweede Wereldoorlog gevonden. Op foto’s uit 1944 bleek dat er op dit terrein ook 3 bominslagen geweest zijn. Aangezien 15% van die bommen niet zou zijn afgegaan, was onderzoek door een bommenexpert hier dus aangewezen. Pas toen hij één maand later het licht op groen had gezet, hebben we verder kunnen werken. Daarna was het 18 maanden in de hoogste versnelling bouwen. Om de gebouwen binnen die tijdsspanne klaar te krijgen, hebben we voor een prefab structuur gekozen en hebben we maximaal mankracht ingezet om de werken op tempo te houden,” vervolgt Leon Piels.

Met oog voor onderhoud

Nu de busstelplaats is opgeleverd zit het werk voor het consortium er nog niet op. Hermes Infrastructure blijft nog 25 jaar instaan voor het onderhoud. Partner Engie Cofely blijft letterlijk op de site aanwezig en kreeg daartoe een eigen kantoorruimte. “Met dat onderhoud hebben we in de ontwerpfase dus al rekening gehouden. Niet alleen met dat kantoor, maar ook in de keuze van de materialen, het verfijnen van details, … Tijdens de exploitatie zullen we met preventief onderhoud streven naar een optimaal gebruiksgenot van de stelplaats,” besluit het trio van Democo.


Technische fiche Stelplaats de Crutzen - Hasselt

Opdrachtgever DBFM-formule: De Lijn – Mechelen
Opdrachtnemer DBFM-formule: Hermes Infrastructure - Hasselt Ontwerp en studies: Sweco - Hasselt
Financiering: MacQuarie – Rotterdam
Bouw: Democo – Denys - Hasselt
Onderhoud: Engie – Cofely - Brussel
K-peil: 22
E-peil: ±50
Oppervlakte: 11.000m²
Start werken: 1 april 2015
Einde werken: 1 april 2017
Investering: 30,2 miljoen euro

 

MEER: HERFST 2017